Binnen 5 minuten de grond klaarmaken voor een nieuwe plantenrij

Je wilt een nieuwe plantenrij aanleggen, maar de grond is nog niet klaar voor beplanting. Dat is niet erg, want met een paar gerichte stappen zet je de bodem snel om naar een geschikte ondergrond. Zo geef je je planten de beste start, zonder dat je er een hele middag aan kwijt bent.
Verwijder onkruid en oude resten
Begin met een schone lei. Trek onkruid met wortel en al uit de grond, want achtergebleven wortelstukjes lopen vaak weer uit. Verwijder ook stenen, oude plantenresten en ander afval uit de border. Dit voorkomt dat je nieuwe plantenrij concurrentie krijgt van ongewenste groei. Werk je een grotere strook grond af, dan loont het om de bovenlaag in delen te behandelen. Zo houd je overzicht en mis je geen enkel stukje onkruid.

Bepaal eerst je grondsoort
Voordat je verder gaat, helpt het om te weten met welke grondsoort je werkt. Zand, klei, leem en lössgrond gedragen zich namelijk allemaal anders bij het loswerken en bemesten. Doe de rolletjestest: neem een handje grond en probeer er een rolletje van te maken. Buigt het rolletje zonder te breken, dan heb je kleigrond. Breekt het wel, dan is het waarschijnlijk leem. Kun je geen rolletje vormen, dan ligt er zandgrond. Op basis hiervan weet je meteen hoeveel compost of tuinaarde nodig is en of bijmesten verstandig is.
Maak de grond los en luchtig
Na deze check maak je de bodem los met een schep of woelvork. Dit verbetert de doorworteling en zorgt dat water goed kan wegzakken. Een verdichte bodem, bijvoorbeeld na een verbouwing, geeft wortels te weinig zuurstof. Werk daarom de grond tot een diepte van ongeveer 30 centimeter door. Loop hierbij zo min mogelijk op de bewerkte grond, want dat drukt de bodem juist weer aan.
Kies je voor een plantenrij die snel dicht en hoog wordt, dan is de plantkeuze net zo belangrijk als de bodemvoorbereiding. Wil je binnen een seizoen al resultaat zien, dan is het aanbod snelgroeiende hagen een goed startpunt: soorten als liguster en laurier groeien stevig door en vormen relatief snel een dichte rij. Zo profiteer je meteen van de grondwerkzaamheden die je nu uitvoert.
Verrijk de grond met compost of tuinaarde
Voeg na het loswerken organisch materiaal toe. Compost of tuinaarde houdt vocht en voedingsstoffen beter vast, wat de groei van jonge planten ten goede komt. Meng het materiaal gelijkmatig door de bovenlaag, zodat de wortels straks overal dezelfde voeding aantreffen. Op zandgrond werkt dit extra goed, omdat deze grondsoort van zichzelf weinig voedingsstoffen bevat. Bij kleigrond verbetert compost vooral de structuur en luchtigheid. Reken op 5 tot 10 liter compost per vierkante meter, afhankelijk van hoe arm de grond al is.
Check de zuurtegraad van de bodem
Naast de grondsoort speelt ook de pH-waarde een rol bij hoe goed planten aanslaan. De meeste hagen groeien prima bij een neutrale tot licht zure bodem. Is je grond erg zuur, dan groeien veel soorten minder goed en blijft de wortelontwikkeling achter. Een eenvoudige pH-meter uit het tuincentrum geeft al snel duidelijkheid. Blijkt de bodem te zuur, dan kun je met een kalkgift bijsturen, het beste in de late winter of het najaar.

Werk de grond netjes af voor het planten
Vlak de bodem af met een hark, zodat je een gelijkmatig plantbed overhoudt. Zet vervolgens je planten op de gewenste afstand van elkaar neer voordat je ze definitief de grond in zet. Vul de ruimte rondom de wortelkluit met de losgemaakte grond en druk deze licht aan. Geef na het planten voldoende water, ook als de grond er vochtig uitziet. Vooral in de eerste weken hebben de wortels dit nodig om zich goed te vestigen, ook met het oog op het winterklaar maken van je tuin later in het seizoen.
Zo begin je zonder zorgen aan je nieuwe rij
Met onkruidvrije, losse en voedselrijke grond geef je elke plantenrij een goede start. Herhaal de bodemtest gerust bij een volgend project, want de grondsoort kan per plek in je tuin verschillen, net zoals de aanpak voor meer privacy in de tuin per plek anders kan uitpakken Let bij een nieuwe rij ook op de plantafstand: te dicht op elkaar zorgt voor concurrentie tussen wortels, terwijl te ruim zetten juist langer duurt voordat de rij aaneengesloten oogt. Zo werk je iedere keer met de juiste voorbereiding en groeit je nieuwe rij zonder verrassingen door.








